Cursist, kom terug naar de UB!

31 maart 2015 door Benjamin
Deel deze pagina

Ik haat het, maar het moet. Op de trappen van het Academiegebouw heb ik een plek gevonden om te wachten tot de bibliotheek open gaat. Voor mij staat een rij van zeker twintig meter vol met leergierige studenten. Hier en daar hoor ik een schor stemgeluid "duurt lang" roepen. Jongens met halflange haren kijken stoïcijns voor zich uit. 

UB

De universitaire bibliotheek, in de studentenmond vaak UB. Het gebouw was ooit louter bedoeld voor studenten die willen studeren. Werkplekken met een computer of juist een stille ruimte met zo weinig mogelijk afleiding. Van die opzet is allang niets meer over. De UB is een plek om te laten zien dat je bij het studentenleven hoort. Een plek waar je laat zien dat je mensen kent en met die mensen eindeloos koffie kunt drinken. Tijdens de koffie worden de lopende zaken besproken die 'op de kroeg' zijn gebeurd de afgelopen week om vervolgens geen schijn van kans te maken om het tentamen te halen.

Sinds kort wordt er aan de deur van de UB gevraagd om je studentenkaart. Studeer je niet aan de RUG, maar aan de Hanze? Dan mag je er niet in. Een select gezelschap blijft over. De haren worden langer, hippe bergschoentjes paraderen over de trappen en de schorre stemmen zorgen voor een nog constantere ruis. In de verte hoor ik iemand reppen over een "gure chick." De cursist – zoals de universitaire student een HBO’er hoort te noemen – is vakkundig geweerd.

Nooit meer hetzelfde

Als de deuren van de bibliotheek opengaan, sta ik op van de trap en loop ik richting het studiegebouw. Vlak voor ik naar binnen ga, spreek ik mezelf bemoedigende woorden toe. Zonder na te denken laat ik mijn RUG-pas zien en zoek ik een plek om twee gortdroge artikelen door te zwoegen.

Als ik bij de tweede alinea van het eerste artikel ben, zie ik het ineens. Ik ben een eenling. Waar de nuchtere HBO-student voorheen met een een Fries- of Groningsaccent zorgde dat ik me nog enigszins op mijn gemakt voelde, daar viert de hoogdravende Gooise r nu de boventoon.

Ik sluit mijn ogen, onderdruk een traan en pak snel mijn spullen bij elkaar. Binnen een seconde heb ik besloten dat ik het niet meer doe. Ik pas. Mij zullen ze niet meer zien in deze bibliotheek. Ik ben maar een simpele jongen, zonder lange haren of schorre stem. Ik heb gympies aan of sportschoenen als ik die lekker vind zitten.

Ik begin te lopen, hol zelfs het gebouw uit. Vlak voor ik mijn laatste hiel uit de UB licht, spreek ik nog snel de portier aan. Met een indringende blik schreeuw ik hem toe dat de HBO’er heel snel terug moet komen. Kom terug HBO-student! Vervals een RUG-pas, bestorm het gebouw of bezet zelfs de universitaire bibliotheek. Het kon weleens raar lopen als jullie niets doen.