Feesten met Hans Nijland in de Poelestraat

05 mei 2015 door Benjamin
Deel deze pagina

Ik geef gas. En daarna meer gas. Op een provinciale weg schiet ik twee auto’s voorbij. De teller tikt 130 aan. Ik schrik er een beetje van en laat het pedaal meteen vieren, maar gejaagd ben ik nog steeds. Over een klein uurtje begint de bekerfinale tussen PEC Zwolle en FC Groningen en ik wil om zes uur op de Grote Markt staan met een camera – journalistieke ambitie brengt doorgaans haast.

De weekenddagen heb ik benut door familie te zien in Bergen aan Zee, hard te lopen en mijn vader te filmen terwijl hij dirigeert. 17:25 uur, shit nog maar een halfuur. Zonder er bij na te denken komt het gaspedaal onder mijn voet weer wat dichter bij de grond. Eenmaal in Groningen duw ik de opnamematerialen snel in een tas en ren ik de stad in. Tijdens mijn gestrekte draf dwalen mijn gedachten af en slaat de twijfel toe. Wil ik niet teveel in een te korte tijd? Had ik moeten kiezen?

Voetbalsfeer

Terug gaat niet meer, tijd is schaars en zeiken heeft geen zin. Langzaam maar zeker laat ik mezelf onderdompelen in de bekerspanning. Op de Grote Markt ligt het gemiddelde promillage na een kwartier wedstrijd al rond de 3.1. Groene petjes dansen op en neer en de zweetlucht wurmt zich een baan door het centrum. Voetbalsfeer. Ik geniet ervan. Iedereen wil wel wat zeggen als ze de camera zien. Ritmisch schreeuwt een jongen niet ouder dan zestien in meervoud ‘boeren!’ in mijn gezicht. Ik kijk om me heen, maar zie ze niet. 

Als de wedstrijd is afgelopen is het feest compleet. Na wat korte interviews om de sfeer vast te leggen begeef ik mezelf naar een kroeg waar ik een halve liter bier bestel. Klaas, een studiegenoot, is inmiddels aangesloten. We besluiten onze jolige stemming door te zetten in de Poelestraat. We drinken bier, maken plezier en dansen met mannen in groene T-shirts. Als ik om drie uur in de nacht op een stoepje zit te praten met een meisje (geen fan trouwens) komt een lichtbundel steeds dichterbij.

Hans Nijland en consorten

In de verte schreeuwt een menigte van hoempapa en helaho. “Wij gaaahn Eeuuhrooopaaah iiihn”, klinkt het als ik naar de meute loop. En dan zie ik het, dat zijn potdomme de spelers van FC Groningen! Ik ren in een huppelpasje naar de kroeg waar ik mijn camera achter de bar heb laten leggen. Met armen gestrekt boven mijn hoofd ren ik met camera terug naar de feestende massa.

Hans Nijland wordt de lucht ingeworpen, Yoëll van Nieff gaat op de schouders en ik probeer een gesprek aan te knopen met Rasmus Lindgren. En ik denk bij mezelf: toch niet teveel gedaan. Als ik thuiskom zet ik snel mijn ‘primeur’ op internet. Twee uur later sta ik naast mijn bed om koers te zetten naar het studiegebouw en de rest van het materiaal te bewerken. Het weekeinde is eindelijk tot een eind gekomen.