"Ilse, hij durft niet!"

13 juli 2015 door Benjamin
Deel deze pagina

Met drie komen ze binnen. Onze jongenshartjes gaan als een malle tekeer. Het is schoolkamp in Drenthe en ik zit in groep zes – tien lentes jong. De drie die binnenkomen zijn Sarah, Carlijn en Ilse. En ze komen binnen in de kamer waar Thomas en ik met een paar klasgenootjes slapen. Het bezoek van de dames heeft een doel: Sarah wil met me zoenen. Met tong.

Carlijn, Sarah en Ilse zijn stoere meisjes. Ze zijn een jaartje ouder, dragen voorzichtig make-up op hun elfjarige gezichtjes, hebben al vrouwelijke vormen en praten bijna uitsluitend over jongens. Wij, daarentegen, hebben elke middag twee groene vlekken op onze spijkerbroeken ter hoogte van onze knieën. Dat komt omdat we buitenspelen en wedstrijdjes doen wie het hoogste in de boom kan klimmen.

Sarah is de meest volwassen dame van de drie en heeft zich op het schoolkamp ten doel gesteld om met mij te kussen. Sinds twee weken hebben we verkering. En wat was ik trots toen ze me vroeg, via een briefje in de lade onder mijn bureau. "Ik vind je leuk. Wil je verkering met me? Kus S." Ik zei ja en nu heeft onze relatie de volgende fase bereikt – blijkbaar. Ik moet daar nog even aan wennen.

Sarah wil zoenen

Ze komt met haar vriendinnen onze slaapkamer op de kampeerboerderij binnen en gaat meteen naast me zitten. Thomas praat met Ilse en Carlijn, terwijl Sarah mijn hand vastpakt. Ik kijk haar angstig aan en probeer ondertussen een grapje te maken waardoor ik Thomas aanspreek. Sarah heeft mijn ontwijkende gedrag door en begint ook te communiceren via een van haar vriendinnen. "Ilse, hij durft niet!"

"Waarom durf je niet, Benjamin?", vraagt Ilse. Ik lieg dat ik een paar weken geleden nog met een ander meisje heb gezoend en het niet eerlijk vind tegenover haar. De smoes redt me voor even. Ik ben namelijk doodsbenauwd. Ik durf niet te zoenen, ik weet niet hoe het moet en ik heb er ook totaal geen zin in.  

Eindfeest

Maar op het eindfeest moet ik eraan geloven. Weer komt ze naast me zitten. De discobal kleurt onze gezichten in regenboogtint en mijn hartslag tikt voor de zoveelste keer die week de tweehonderd slagen per minuut aan. Met guitige ogen kijkt Sarah me aan. Ze weet dat het nu wel gaat lukken. Ik voel overgave door mijn lichaam stromen.

Haar hoofd kantelt, haar lippen gaan open en ze kust me. Meteen wurmt Sarah haar tong bij me naar binnen. Ik besluit haar partij te bieden met de mijne en sluit mijn ogen. Af en toe open ik ze om me te beseffen of dit echt is of  toch een droom. Heb ik het nu al lang genoeg gedaan of moet ik nog even? Ik kan niet meer en dus trek ik mijn hoofd terug.

Als we klaar zijn verplaats ik mijn blik naar de linkerkant van het zaaltje. Daar, aan de bar, zie ik twee juffen en een meester met open mond en opengesperde ogen naar me kijken – naar ons kijken. Ik voel me ongemakkelijk worden en loop snel naar Thomas. We maken onhandige danspasjes. Ondertussen ontwijk ik Sarah de rest van de avond. De avond waarvan ik op dat moment hoop dat ie zo snel mogelijk voorbij is.

Bij thuiskomst staat mijn moeder me op te wachten bij de school. Ze ziet dat ik aangeslagen ben. Ik zeg niets, maar het gaat inderdaad niet goed met me. Jaren zou ik niet meer met een meisje zoenen. Te vroeg was het, veel te vroeg. En de fiets waarop ik het leerde was dat ook.