Van voetbalwedstrijd tot Cup-song

Van voetbalwedstrijd tot Cup-song

28 november 2013 door Lucia
Deel deze pagina

Vaak krijg ik de vraag of er op mijn studie, geneeskunde, echt zoveel meisjes zitten. Het antwoord is, ja. Ik zit zelfs in het meest ‘man-onvriendelijke’ jaar ooit, aangezien ruim 80% vrouw is. Naast mijn studie, zit ik ook bij een commissie van de studievereniging. Ook hier is de geslachtsverdeling niet helemaal eerlijk. We zijn met zeven meisjes en één jongen, Bram, die dan natuurlijk wel de voorzitter is. (We worden ook wel ‘Bram’s harem’ genoemd) Heeft deze jongen dan nog iets in te brengen in het gekibbel van de vrouwen? Ik zal dit laten zien aan de hand van afgelopen commissie avond.

Elke dinsdag komen we met z’n achten bij elkaar om te ‘vergaderen’, oftewel: gezellig eten, kletsen en daarna naar het geneeskunde café. Nu kwam het net zo uit dat de wedstrijd Ajax – Barcelona die avond was en natuurlijk wilde Bram, als het enige mannelijke commissielid, deze wedstrijd met alle geweld kijken. De ultieme test voor hem om zijn invloed op zijn commissie te testen.

Bram begon heel dapper met een berichtje in de Whatsapp groep ‘We gaan wel ergens eten waar een tv is, want ik wil voetbal kijken.’ Een vrij vastberaden berichtje, waar wij als brave commissieleden natuurlijk aan gehoorzaamden. Dus die avond zaten wij stipt om 20.45 uur met een bordje pasta voor de televisie. Maar helaas voor Bram, is voetbal kijken met vrouwen toch iets anders dan met mannen. Bij het eerste doelpunt voor Ajax stond Bram in z’n eentje door de kamer te springen, terwijl hij luid riep ‘IK HEB IEMAND NODIG OM MEE TE SPRINGEN!’ Hier werd duidelijk dat Bram’s invloed begon dramatisch af te nemen. De meeste meisjes bleven passief zitten, behalve één, die niet te beroerd was om Bram even z’n momentje te geven.

Bij het tweede doelpunt werd er al niet meer gesprongen en zat Bram alleen nog maar gillend van geluk op de bank. In de laatste minuut werd pas echt pijnlijk duidelijk dat z’n invloed om ons te dwingen voetbal te kijken en leuk te vinden, was verdwenen. Zielig en zwaar gestrest stond hij midden in de kamer strak naar de televisie te turen. ‘Lucia, moet je mijn hartslag voelen!’ Ik studeer pas 3 maanden geneeskunde, maar ik voelde ook wel dat deze hartslag ver boven gemiddeld lag. Na het fluitsignaal danste Bram euforisch tussen de stoelen door. Hij moest gewoon bijna huilen van geluk, maar helaas was ons enthousiasme niet echt meer aanwezig. Met de komst van Bram’s blijdschap, was zijn invloed volledig weggeëbd.

Het klinkt nu alsof de avond tragisch eindigde met een eenzame jongen die als een debiel door het huis heen rende, met zeven verveelde vrouwen om zich heen. Integendeel. Na de voetbalwedstrijd was het onze beurt. Voordat Bram het wist, waren we met z’n allen de Cup-song aan het doen (nadat we er eerst drie uur over hadden gedaan om die aan hem te leren. Geduld is een schone zaak ). Je zag aan z’n gezicht, dat Bram wel inzag dat zijn tijden van gezag voorbij waren, maar hij leek zich eraan over te hebben gegeven. Hij kon er zelfs van genieten.

In mijn commissie is het dus duidelijk: jongens hebben weinig tot geen invloed. Als Bram dat echt zou willen, kan hij beter in het bestuur van de studievereniging gaan zitten - 4 van de zeven is man! – of wachten tot hij eindelijk hartchirurg is en alle zusters achter zich aan heeft. Ik heb echter het idee dat Bram het helemaal niet zo erg vindt om voorlopig elke dinsdag de Cup-song te spelen met droge witte wijn en ‘Mannenharten’ op de achtergrond.