Bus gesprekken

Bus gesprekken

25 maart 2017 door Merel
Deel deze pagina

Maandagochtend, acht uur. Ik had nog in bed kunnen liggen. Ik kijk om me heen en zie aan de blikken van mijn medestudenten dat ze precies dezelfde gedachten hebben.

Een jongen met verschillende kleuren sokken staat naast me. ‘Deze situatie beschrijft mijn weekend,’ zegt hij tegen zijn vriend terwijl hij naar zijn sokken wijst. Zijn vriend kijkt meelevend toe.

De bus komt er in een noodgang aan. Een meisje ontwijkt nog net de zijspiegel. Ik glimlach de buschauffeur bemoedigend toe en check in met mijn OV kaart. Als een sirene echoën de incheckpiepjes na in mijn oren. De zitplaatsen zijn al snel vol. De ramen beslagen van de drukte en ik wurm me tussen een groepje mensen in. Het is inmiddels vijf over acht en de buschauffeur wil wegrijden. Eerst is er nog een mededeling. ‘De deuren sluiten pas als mensen bij de deuren weggaan.’ Tja. Geef de student die bij de deur staat maar eens ongelijk: vijf minuten in de kou wachten totdat de volgende bus komt is geen pretje.

‘Ik heb iemand gefixt dit weekend,’ hoor ik een jongen achter me zeggen. Oh nee, daar komt het al. Mensen dragen niet voor niets oordopjes in de bus. Dit soort conversaties vermijd je daarmee. Gelukkig is er aan de andere kant een interessanter gesprek gaande. ‘Ik vind het saai om objecten bij hun originele naam te noemen,’ vertrouwt een meisje haar buurvrouw toe. ‘Waarom zou je een broodtrommel niet gewoon Kees noemen?’ Tja, waarom ook niet? Als je dan toevallig een jongen tegenkomt die Kees heet, noem je hem gewoon broodtrommel. Wel origineel, dat moet ik haar nageven. Ik kan het niet laten om te lachen. Dit gesprek maakt mijn maandagochtend een beetje beter. De buschauffeur sjeest de bocht om van Zernike. De massale uitcheckpiepjes galmen opnieuw.  

‘Bedankt buschauffeur!’ roept een jongen tegen de buschauffeur. ‘Noem me maar Kees, beste jongen,’ zegt de buschauffeur. Kees. Of toch broodtrommel?

Ik stap de bus uit en neem de frisse lucht in me op. Het is inmiddels kwart over acht en studenten popelen om de school binnen te gaan. Tijd voor koffie. De volgende bus komt er alweer aan. Tja. Toch best handig, zo’n bus die je elke ochtend weer naar school brengt. Over het algemeen mag je daar best blij mee zijn. Zeker in de barre wintertijden verkies je een warme, comfortabele bus boven een fiets. Oordopjes zijn echter wel een must. Mocht je die vergeten, is het maar te hopen dat er gesprekken gaande zijn over broodtrommels.